Joanne: Beetje vergeven, maar vergeten? Nooit!

Wij hanteren thuis de regel: als speelgoed stuk is gaat het weg, de container in. Bij voorkeur op een moment dat de kinderen slapen. Meestal gaat dit goed, ze hebben zoveel spullen dat ze het autootje zonder wielen of het poppetje zonder armen niet eens missen. Eén keer ging het mis en goed ook.

Berend had een helikopter, een goedkoop fluttig ding dat in no time allerlei gebreken vertoonde. Maakte hem niets uit, hij vond hem prachtig. Toen hij weer met een afgebroken onderdeel naast me stond, constateerde ik dat dit echt niet meer te repareren was: met lijm, touw noch plakband.

Hij was diep bedroefd, maar na een week waagde ik het er toch op: het lelijke ding dat vergeten in een hoek lag, verhuisde naar de container. Weer enkele weken gingen onbekommerd voorbij. En toen gebeurde het: er kwam een vriendje op bezoek met net zo’n helikopter bij zich als Berend had gehad. ‘Mam, waar is míjn helikopter?’, riep hij vrolijk.

Ik keek in zijn vragende ogen en mijn hart zakte in m’n schoenen. ‘Weggegooid, want hij was helemaal stuk en niet meer te maken, weet je nog’, besloot ik dapper meteen maar de waarheid te zeggen. Mijn zoon keek me eerst ongelovig, toen verontwaardigd en daarna tot op het bot verdrietig aan. ‘Mijn lievelingshelikopter!’ Ik wil hem terug, nu!’. Hij huilde wanhopig, hartverscheurend en nog een dimensie harder toen ik moest uitleggen dat de vuilniswagen al lang was geweest.

Mijn pogingen zijn afwerende, boze lijfje te omhelzen om te troosten, mislukten. Ik kon praten als brugman en honderd keer zeggen dat het me speet, maar het duurde heel lang voordat hij me dit een beetje kon vergeven. Vergeten is hij het nu meer dan een jaar later nog steeds niet. Als we de kinderen vragen of zij iets hebben om voor te bidden of te danken, brengt Berend nog geregeld met verdrietige stem het volgende punt in: ‘God, wilt u alstublieft zorgen voor mijn helikopter op de vuilnisbelt…’ En of dit nog niet pijnlijk genoeg is, voegt hij er soms aan toe: ‘die daar door mama’s schuld terecht is gekomen.’

Zucht. Moeder zijn is soms zó moeilijk.

Joanne.



Reacties

er zijn nog geen reacties

Reageren

Naam:

Bericht:


Code:

Poll
Verslaafden en hun gezinnen zijn bij het pastoraat van de Kerk toch echt aan het verkeerde adres.
Klopt, deze problematiek gaat kunde en kennis van priesters en andere pastorale hulpverleners ver te boven.
Professionals (op het gebied van verslaving) en pastoraat moeten samenwerken op dit terrein.
Er zijn veel getuigenissen van ex-verslaafden die dankzij het geloof hun verslaving overwonnen, daar moet het pastoraat op inspringen.
De Kerk zou zich in ieder geval moeten ontfermen over de gezinnen van de verslaafde hulpvragers.


16 stemmen
Bekijk resultaten   |   archief
Twitter
volg ons nu ook op twitter

@InspiratieMag