Eerbetoon aan Pater Phil Bosmans
Dinsdag 17 januari is pater Phil Bosmans overleden. Een unieke persoonlijkheid die in zijn leven velen heeft geïnspireerd met zijn opbeurende spreuken en gedichten. Bosmans was de man van een knipoog, een schouderklopje een aansporing om door te gaan als je het moeilijk had. We zijn er trots op dat hij in het verleden ook veel voor Inspiratie Magazine heeft betekend. Zijn manier om mensen te bemoedigen, nemen wij graag als voorbeeld. Zijn laatste spreuk blijkt slechts één woord te zijn: dankbaarheid!Hierbij publiceren we delen uit het laatste interview, dat we in 2004 met pater Phil Bosmans hebben gehouden. Tijd
“Tijd is een geschenk van God”, begint Phil Bosmans. “Ik heb het in mijn boeken dikwijls geschreven: tijd is geen snelweg tussen de wieg en het graf, maar ruimte om te parkeren in de zon. Elk jaar is een milde gave uit Gods hand, om niet gegeven. De tijd die wij krijgen is heel beperkt. Het is niet zoals bij het parkeren dat we door extra geld in de automaat te steken meer tijd krijgen. Ons leven kunnen we zo niet verlengen. Het leven is eenmaal de tijd die ons gegeven is.
Na de dood en vóór de geboorte is er geen tijd. Tijd is alleen als wij hier zijn. Ik denk dat de mensen het drukker hebben dan vroeger. Als je hun vraagt iets te doen, antwoorden ze dat ze geen tijd hebben. Maar wat betekent dat eigenlijk? Ze verwarren: ‘Ik heb geen tijd’ met: ‘Ik heb geen goesting.’ ‘Geen tijd hebben’ is een dooddoener die steeds meer wordt gebruikt.”
Vitaminen
Phil Bosmans heeft in zijn leven al heel wat dergelijke overwegingen aan papier toevertrouwd. Daar is hij mee begonnen op het moment dat hij bij Bond Zonder Naam kwam. Dat was in 1957. De jaren daarvoor deed hij missioneringswerk als priester in Frankrijk en België, maar en zware ziekte die hem twee jaar aan het bed kluisterde maakte dat zijn oversten hem andere en lichtere opdrachten gaven. Op verzoek van pater Loop hielp hij Bond Zonder Naam in Vlaanderen uitbouwen. Onder zijn bezielende leiding werden heel wat sociale en culturele initiatieven geboren. “In het begin draaide het bij BZN vooral om naastenliefde. Tamelijk vlug heb ik dat omgebogen naar een nieuwe cultuur die ik noemde ‘de cultuur van het hart’. Ik heb altijd gezegd: ‘Wie de cultuur van het hart mist, mist elke cultuur.’ Dat is voor mij de kern van het christendom: de cultuur van het hart”, zegt hij.
Spreuken
Bij BZN voorzag hij gedurende veertig jaar ook maandelijks een spreuk van commentaar, en sprak wekelijks een ‘Vitamine voor het hart’ in. Deze telefonische opkikkers zijn gebundeld in zijn bestsellers 'Menslief, ik hou van jou' en 'Menslief, ik wens je vrede en alle goeds. 365 vitaminen voor het hart'.
Van het eerste boek zijn sinds uitgave in 1972 meer dan 60 drukken verschenen; het andere dat uitgekomen is in 2000 ging al 30.000 keer over de toonbank. Hij glimlacht: “Gedachten zijn niet tijdgebonden, maar gaan over alle tijden heen. Daarom is het belangrijk te kijken naar de ideeën van iemand dan naar de uren die hij ergens doorbrengt.”
Gelukkig maken
Bosmans zegt dat hij nooit gewerkt heeft rond een thema. “De uitgevers hebben mijn teksten zo gebundeld, maar ik heb nooit een boek geschreven. (glimlacht) Ik ben nooit aan tafel gaan zitten om bewust een boek over een of ander thema te schrijven. Ik schreef altijd vrijstaande teksten – ’s avonds, ’s nachts en ’s morgens vroeg. Doordat ik enorm veel contacten had met mensen, hoorde ik veel over hun problemen. Daarover dacht ik na en maakte ik teksten. Ik dacht dat de mensen na de oorlog gelukkig zouden moeten zijn, omdat ze weer alles konden kopen, maar dat bleek niet zo te zijn. Veel mensen zeiden me: ‘Het zegt me niets meer. Ik ben alles beu.’ En ik vroeg me af hoe dat kwam. Mensen missen iets wat met geld niet te koop is. Ze zijn hun waarden kwijtgeraakt, denk ik. Velen hebben geen houvast meer. Er is ook een grondig gebrek aan aandacht en liefde. Met een ijskast bijvoorbeeld kun je geen liefde uitwisselen. Materiële dingen zijn dooie dingen, en dat vergeet men. Met mijn teksten probeer ik gelukkig te maken. Dat is het enige wat ik beoog.”
Leven
Mensen dichter bij God brengen doet men best via het leven zelf, meent hij. “Niet door de mooie woorden, want die zullen maar enkele momenten helpen, maar leven. Onlangs zag ik nog een reportage over Marokko. Ik ben daar vroeger nog vaak geweest, ook in melaatseninstellingen en dispensaria. Ik herinner me dat daar een heel arme zuster was die alleen een ezel had. Daarmee trok ze met de nomaden de bergen in. Zij was heel arm, maar toch was ze altijd opgeruimd en blij. Ze probeerde die mensen zoveel mogelijk bij te staan. En de mensen hielden van haar. Ze is begraven onder een hoop stenen.”
Vertrouwen
Ook Phil Bosmans is bekommerd om de armen. De opbrengst van zijn boeken die in het buitenland verkocht worden gaan naar de armen ter plaatse. “Mensen hebben elkaar nodig. De mens is niet geschapen om alleen te zijn, maar om met anderen samen te zijn. De mens heeft twee armen en die zijn lang genoeg om de ander te omhelzen – op voorwaarde dat hij niet gehandicapt is. (glimlacht). Nergens is het zo duidelijk als met Kerstmis dat God mens wil worden. Hij had een lichaam nodig om hun te tonen dat Hij van ons houdt. Dat is de boodschap. Onze wereld wordt individueler en de verhoudingen koelen af. Kerstmis moet de mensen doen nadenken en tot inzicht brengen, zodat ze als nieuwe mensen te voorschijn kunnen komen.”
Het is even stil. “De mensen moeten ook het persoonlijk contact met de levende God opnieuw ontdekken. Geloven moet méér zijn dan een woord dat men toevallig uitspreekt. Geloven moet eigenlijk een vertrouwen zijn, overgave aan een God die goed is. Hij wil ieder van ons eigenlijk betrekken in zijn werk van liefde voor deze wereld. Dat contact met God kunnen we vinden in de Kerk. Volgens mij moet de Kerk veel meer gastvrij en open zijn. Indertijd kwam ik dikwijls in een werkhuis voor ex-gedetineerden, maar met die mensen kon ik niet naar de kerk gaan. Ze voelden er zich niet thuis. De Kerk moet eigenlijk een plaats zijn waar de mensen worden aangesproken en waar ze zich thuis kunnen voelen – wie ze ook zijn.”
Toekomst
Al met al blijft Phil Bosmans optimistisch over geloof en Kerk. “Ik krijg ook veel brieven van mensen die anders geloven. Ik heb enkele goede vrienden die zeggen dat ze ongelovig zijn, maar voor mij bestaat de heel ongelovige niet. Ik zeg dikwijls tegen hen, als dat goede mensen zijn: ‘Je bent een magnetisch veld van de God waarin ik geloof.’ Ja. Er woont in ieder mens ergens een engel, maar je moet die aan bod laten komen.
''Ik ben van nature zeer optimistisch. In de ontwikkelingslanden stijgt het aantal priesters. Voor voorspellingen moet je een glazen bol hebben. Ik denk dat de Kerk er anders zal uitzien, maar het geloof nooit helemaal weggaan. Er zullen altijd mensen en groepen blijven die geloven. Vooral omdat de boodschap van het christendom zo uniek is en allesomvattend.
Door: Katleen Van Landschoot
Uit de nieuwjaarswensen van Phil Bosmans in zijn vitaminendagboek
'Menslief, ik wens je vrede en alle goeds'
Dit jaar weze ’t gelukkigste jaar in je leven!
Neem je tijd om gelukkig te zijn.
Je bent een wandelend wonder op deze aarde.
Je bent enig, uniek, onvervangbaar.
Weet je dat? Waarom sta je niet verstomd,
Ben je niet blij, verbaasd over jezelf
Over al die anderen om je heen?
(...)
Ik wens je uit de grond van m’n hart een ‘goed’ jaar!
Een ‘goed’ jaar voor jou... en voor alle mensen!
Ik zeg je: Geef elkaar de hand... ook hen,
Die je reeds lang geen hand meer gegeven hebt...
Een hand met een hart vol goede en oprechte wensen,
Geen wensen voor een dag
Met een masker op een lelijk gezicht!
Schrijf een kaartje! Plak een kus erop!
Tijd
In 1997 schreef Phil Bosmans een tekst naar aanleiding van zijn 75e verjaardag. Daarin stelt hij zich de vraag wat tijd is. Een fragmentje uit zijn ruim drie bladzijden antwoord: “Tijd is deugd hebben en genieten van de stilte, met de radio die je hebt doen zwijgen, met de tv die je gesloten hebt. Deugd hebben en genieten van elk klein gebaar, waarmee iemand je zegt dat hij van je houdt. Deugd hebben en genieten van de warmhartigheid van God, die je voelt in duizend dingen.”