Joanne: dan maar misdienaar...
De moeder die ons beschuldigde van bangmakerij en indoctrinatie is langs geweest op de pastorie. Het bleek een goede zet om nog eens op een rustig moment door te praten, want ondertussen was ze niet meer zo boos als bij de kinderbijeenkomst. Bart vroeg haar wat het nou precies was wat haar dwars zat. Haar zoontje had thuis bij een ruzie tegen zijn jongere zusjes gezegd dat ze niet stout mochten zijn omdat ze anders misschien wel naar de hel gingen.Zijn vader werd daarop ontzettend boos, op zijn vrouw, proefden we tussen de regels door. Het bleek dat hij ons kinderwerk toch al niet zag zitten. Dat zijn zoontje eerste communie had gedaan vond hij meer dan genoeg. Het was de moeder, al jaren betrokken bij de parochie, die haar zoontje had aangemeld. En ze vond het maar niks dat wij blijkbaar hadden verteld dat stoute kinderen naar de hel moesten. ‘Dat is een weergave door jouw kind van iets dat wij heel anders hebben uitgelegd’, zei Bart. ‘Wij hebben verteld over de hemel en omdat hij daar naar vroeg ook de hel genoemd. Je moet je realiseren dat een kind dat soort informatie moet verwerken en probeert het in de praktijk een plek te geven. Dat vraagt om begeleiding.’ ‘Maar wij geloven niet in een hel en willen ook niet dat ons kind zo iets leert.’ ‘Wij vertellen de kinderen alleen wat de kerkleer zegt, het katholieke geloof,’ zei Bart rustig. ‘Natuurlijk vertalen we het wel naar het niveau van kinderen’, vulde ik haastig aan. Maar sommige katholieke leerpunten vond zij en (vermoedelijk vooral) haar man, zo onverteerbaar dat hun kind definitief niet meer mee mag doen. ‘Jammer’, zei Bart. ‘Het is een kind met grote belangstelling voor geloofszaken. Hij vraagt door en denkt er serieus over na.’ Ze was niet te vermurwen. Zondag zag ik haar met het jongetje in de kerk. Hij keek mij spijtig aan. Na de viering sprak ik hem nog even: ‘Ik mag niet meer naar de club, maar ik mag nu wel misdienaar worden.’ Hij straalde bij dat laatste. Je hoort wel eens van priesters die al heel jong een roeping ervaren. Het zou mij niet verbazen als hij er op een dag zo eentje blijkt te zijn...